Friday, September 25, 2009

Dawkins nieuwste boek

The greatest show on earth Het nieuwste boek van Dawkins is binnen: The greatest show on earth. Evidence for evolution. Het opvallende is dat hij een boek dat volledig gaat over het bewijs voor evolutie ruim 30 jaar na zijn eerste boek The Selfish Gene publiceert. Hij legt dat zelf als volgt uit. Zijn eerste boeken The Selfish Gene en The Extended Phenotype gingen over een nieuwe interpretatie van natuurlijke selectie, en niet over het bewijsmateriaal voor evolutie. Ook de volgende drie: The Blind Watchmaker, River Out of Eden, en Climbing Mount Improbable hadden niet als doel het bewijs te leveren. Het doel was barrières tegen het accepteren van evolutie uit de weg te ruimen. Leuk gezegd, eigenlijk. Zijn laatste boek The Ancestor’s Tale nam gewoon aan dat evolutie waar was (!). Het werd inderdaad tijd dat eindelijk het bewijsmateriaal systematisch werd gepresenteerd. Vandaar zijn laatste boek The greatest show on earth. Het is tenslotte Darwinjaar. Overigens heeft Jerry A. Coyne dat ook al gedaan in zijn voortreffelijke  Why Evolution Is True. We hebben nu dus mooi vergelijkingsmateriaal. Wie doet het het beste? NB: voor Dawkins-haters nog deze opmerking:  dit is géén anti-religieus boek (volgens Dawkins zelf, want dat hád hij al geschreven: The God Delusion; God als misvatting).

De Engelse uitgave (Bantam) is gedrukt op FSC (Forest Stewardship Council) papier (applaus!) en is voorzien van vele kleurenkaterns en zwart-wit tekeningen. Ik ga vooral kijken hoe hij het doet en zal vast nog wel wat nieuwe dingen tegenkomen.

De vertaling verschijnt in oktober onder de titel Het grootste spektakel ter wereld bij Nieuw Amsterdam (de uitgever die deze zomer Taede Smedes boek  uitgaf). Verder zag ik bij Nieuw Amsterdam: Sarah Blaffer Hrdy (2009) ‘Een kind heeft vele moeders. Hoe de evolutie ons sociaal heeft gemaakt‘, wat door Bart Voorzanger vertaald is (Engelse titel: Mothers and Others). Dit vind ik een belangrijk boek. En verder: Denis Dutton (2009) ‘The Art Instinct. Kunst in het licht van Darwins evolutietheorie‘, wat een vertaling is van The Art Instinct. Beauty, Pleasure, and Human Evolution (als ik het lees, dan meer als amusement). En dan niet te vergeten het boek dat ik afgelopen zomer met bijzonder veel plezier gelezen heb: Koken - Over de oorsprong van de mens (Catching Fire: How Cooking Made Us Human) . Het is geschreven (niet door een kok!) maar door de antropoloog-primatoloog Richard Wrangham. De mens is het enige dier dat zijn voedsel kookt. Een bijzonder leerzaam boek dat echt iets toevoegt.

tags: boeken

Posted by Gert Korthof at 15:31:17 | Permalink | Comments (8)

Thursday, September 24, 2009

Grenzen van het systeem aarde

Vandaag een belangrijk artikel ”A safe operating space for humanity” in Nature van 29 auteurs die een poging doen veilige grenzen vast te stellen voor het systeem aarde. Ik zie tenminste twee Nederlanders: Nobelprijswinnaar Paul Crutzen en Marten Scheffer (auteur: ‘Critical Transitions in Nature and Society‘; een paar dagen geleden nog in DWDD te gast). Ze onderscheiden 9 kritische variabelen:

1. climate change
2. rate of biodiversity loss (terrestrial and marine)
3. interference with the nitrogen and phosphorus cycles
4. stratospheric ozone depletion
5. ocean acidification
6. global freshwater use
7. change in land use
8. chemical pollution
9. atmospheric aerosol loading

Ze concluderen dat de eerste 3 variabelen al in de gevarenzone verkeren (drempel; tipping point). Biodiversiteit: de mens veroorzaakt een factor 100x tot 1000x grotere uitsterving dan de natuurlijke snelheid waarmee soorten uitsterven (achtergrond). Een redundantie van soortenaantallen is nodig om natuurlijke ecosystemen het vermogen te geven om te herstellen van verstoringen (veerkracht, ‘resilience’). Ze geven als voorzichtige veilige grens een uitstervingsfactor van 10x de natuurlijke uitstervingssnelheid. Niet geheel onverwachts hangen de variabelen samen. Ook niet onverwachts is dit multidisciplinair en interdisciplinair onderzoek.

Een zeer belangrijk artikel in een belangrijk wetenschappelijk tijdschrift. Het artikel wordt vergezeld door een kritisch commentaar van de editors van Nature en wordt gelijktijdig met vele peer-reviews gepubliceerd. De commentaren zijn gratis (hier).

PS

Ik denk dat dit deze hele zaak een intelligentie test is voor de menselijke soort: zijn we intelligent genoeg om de leefbaarheid van onze planeet (net) niet te vernietigen? Ook zou deze problematiek toegevoegd moeten worden aan ‘The Moral Sense Test‘ (vorige blog), waar tot nu toe uitsluitend gekozen moet worden tussen het opofferen van 1 leven om er 5 te redden. We staan nu voor de morele test of het verantwoord is om 6 miljard mensen + alle planten en diersoorten op te offeren voor kortdurende materiële rijkdom en welvaart van een deel van de wereldbevolking. Moeilijk dilemma? Het lijkt wel of het morele besef en intelligentie waarmee evolutie ons heeft uitgerust (net) niet voldoende is om dit soort problemen vlot aan te kunnen. Zijn we echt intelligenter en moreler dan chimpansees? Of is de winkelsluiting op zondag het grootste morele probleem dat we met enige moeite nog net  kunnen behappen?

tags: biodiversiteit, klimaat, milieu

Posted by Gert Korthof at 10:59:08 | Permalink | No Comments »

Tuesday, September 22, 2009

Tinbergen lezing 2009

De Tinbergenlezing 2009 werd afgelopen zondag 20 september gegeven door de Amerikaanse evolutiebioloog Marc Hauser voorafgegaan door de Nederlandse ethologe Liesbeth Sterck. Er was dermate grote belangstelling (meer dan 700 aanmeldingen) dat er een extra zaal met video verbinding gebruikt werd. Ook waren de lezingen live te volgen op internet en zijn ze tzt on demand te zien. Ik heb het gecontroleerd, maar ze staan er nog niet op. Wel staan de lezingen van 2007 en 2008 erop. Om alle details van de lezing van Marc Hauser te begrijpen zou ik hem nog een keer willen zien.

De stelling van Hauser is dat er bij de mens aangeboren universele morele oordelen bestaan die niet beinvloed worden door land, cultuur of religie. Dat is ook het thema in zijn boek Moral Minds uit 2006. Het bijzondere van de aanpak van Hauser is dat hij in tegenstelling tot de manier waarop filosofen moraal benaderen, hij experimenten doet (zoals een socioloog of psycholoog zou doen). Hij maakt daarbij strikt onderscheid tussen moreel oordeel en moreel gedrag en bovendien tussen oordeel en verantwoording van dat oordeel (waarom vind je dat?). De experimenten bestaan uit het presenteren van theoretische morele dilemma’s aan proefpersonen, waarbij er subtiele, ogenschijnlijk triviale, variaties in de testsituatie worden aangebracht. Ze zijn bedoeld om te achterhalen of mensen bijvoorbeeld verschil maken tussen manieren waarop je één individu opoffert om het leven van meerdere personen te redden: actief ingrijpen of afzien van ingrijpen. Een zeer aansprekend voorbeeld was:  een groepje mensen, waaronder moeder met baby, zit ondergedoken. Een huilende baby verraadt de hele groep en allen zullen gedood worden. Is het geoorloofd de baby te doden om de groep te redden? Als je niet kan voorkomen dat de baby gaat huilen, zal sowieso de hele groep inclusief de baby, het niet overleven. Rationeel en moreel gezien moet je het leven van zoveel mogelijk mensen redden, maar niemand wil de baby doden omdat het emotioneel verkeerd voelt. Ik denk dat hij daarmee wil aantonen dat we aangeboren morele oordelen hebben en dat redeneringen en argumenten een culturele en tijdgebonden uitvinding zijn, die we achteraf toevoegen. Maar daarvoor zou ik zijn boek moeten lezen en de hele lezing nog eens een keer moeten beluisteren.

De lezing van Liesbeth Sterck was ook zeer interessant (over verzoening, anticiperen, geduld kunnen opbrengen, Theory of Mind bij dieren) en is in de lijn van het onderzoek van Frans de Waal. Ik zou haar willen aanraden om al die moeilijk te interpreteren staafdiagrammen te vervangen door iets wat makkelijker te begrijpen is door een publiek dat niet dagelijks bezig is met het lezen van complexe staafdiagrammen. Als het veel tijd kost om die grafieken (met veel onbekende codes, afkortingen, en stilzwijgende conventies) uit te leggen, schiet je je doel voorbij. En het heeft ook geen zin om ze maar half uit te leggen. In dit geval zeggen een paar goed gekozen woorden méér dan een raadselachtig plaatje. Uiteraard zijn dat soort staafdiagrammen uitstekend geschikt voor de onderlinge communicatie tussen wetenschappers.

Hier staat een deskundige bespreking van Hauser’s boek Moral Minds: How Nature Designed Our Universal Sense of Right and Wrong. Dit boek is niet vertaald in het Nederlands, maar zijn nieuwste binnenkort te verschijnen boek (de enorm lange titel heb ik niet onthouden) wordt wel vertaald. Hier is de website van de Moral Sense Test waar je je eigen moreel oordeel kunt testen. De test bestaat uit 10 hypothetische situaties en geeft een goed beeld van het soort morele dilemma’s die Hauser zijn proefpersonen voorlegt.

21:11 Ondertussen is de opname van Liesbeth Sterck beschikbaar.

PS zondag 27 sept

De lezing van Marc Hauser is nu beschikbaar op tinbergenlezing.nl . Je moet een kleine programma installeren om het te kunnen afdraaien, maar het voordeel is dat je gelijkertijd de powerpointslides te zien krijgt. In de nrc van zaterdag 26 sept staat een nuttig en uitgebreid interview met Marc Hauser (’De intuïtieve mensenmoraal’) bijlage Wetenschap.

Posted by Gert Korthof at 10:38:28 | Permalink | Comments (2)

Wednesday, September 16, 2009

Darwin en evolutie: toen en nu

Gisteren zag ik de panelen van de tentoonstelling Darwin Now. Ze zijn afkomstig van de British Council. De teksten van de 14 panelen van de exhibition Darwin Now staan ook op hun website. Die tentoonstelling probeert op een  toegankelijke manier alle apsecten van Darwin en evolutietheorie op kernachtige manier samen te vatten. Ook al weet U veel van evolutie, de manier waarop ze het doen lokt instemming of tegenspraak uit en stimuleert het brein. Bijvoorbeeld: ze maken onderscheid tussen ‘Evidence for evolution - then’ en ‘Evidence for evolution - now’. En dat is heel belangrijk. Want dan pas kun je de theorie beoordelen zoals Darwin hem bracht met het bewijsmateriaal dat toen voorhanden was. Dus zonder anachronische aanvullingen met DNA en genomics, etc. Als je vindt, dat we NU veel beter bewijs voor evolutie hebben dan toen, volgt daar logischerwijs uit dat Darwin toen een minder overtuigend bewijs had. En zo moet je ook de toenmalige ontvangst van de evolutietheorie bekijken. En pas dan heb je kans om onze huidige versie van de evolutietheorie te beoordelen. En misschien wel beoordelen zoals mensen over 100 jaar dat zullen doen: aardig, maar gebrekkig! Dan pas kunnen we ons aan de illusie ontworstelen dat de evolutietheorie klaar zou zijn.

Ander voorbeeld: laatste paneel: Why so many? Waarom zijn er zoveel soorten en is er niet één winnaar die alle andere overtreft? Fantastsiche vraag, en je komt hier in één klap in de recente discussies over het grensgebeid van evolutie en ecologie terecht.

Ook de reacties van Darwin’s tijdgenoten zijn ontzettend leerzaam, onthullend, verbazingwekkend en soms vermakelijk (neem die van Karl Marx en formuleer een eigen antwoord!).

Posted by Gert Korthof at 10:15:24 | Permalink | Comments (3)

Monday, September 14, 2009

Drukke Darwinweek

Gisteravond eindelijk de langverwachte eerste uitzending van de vpro/canvas/teleac serie Beagle. In het kielzog van Darwin. Het aardige is dat er aan boord veel wetenschappelijk onderzoek gedaan wordt, en dat er tussen door veel biografische historische informatie over Darwin, etc wordt verteld en gefilmd. Verder een erg drukke week met Darwin en evolutiebiologie symposia, zie darwinweek.nl, morgen in Utrecht, woensdag, donderdag, vrijdag in Amsterdam, zondag de Tinbergenlezing in Leiden. Je kunt wel zeggen: een drukke week.

Posted by Gert Korthof at 11:00:57 | Permalink | No Comments »

Saturday, September 12, 2009

Grote Sponszwam

Deze behoorlijk grote paddestoel had ik nog nooit gezien. Ik trof hem aan onderaan de voet van een denneboom. Volgens De grote paddenstoelengids (E. Gerhardt) zou het de Grote Sponszwam moeten zijn. Standplaats klopt en hij is vrij algemeen. De verwante breedbladige sponszwam kan het niet zijn, want die is wit en zeldzaam. De grote sponszwam is eetbaar, maar dat wist ik niet toen ik hem vond. En ik had geen honger. En ik wil voorkomen dat hij ook zeldzaam wordt. Vreemd dat je een opvallende zwam die algemeen voorkomt in Nederland nog nooit gezien hebt. Zie verder ook de Soortenbank voor een beschrijving. Volgens Waarneming.nl komt hij voornamenlijk voor in het Oosten en Zuiden van het land. Dat kan verklaren dat ik hem niet dagelijks tegenkom.

Posted by Gert Korthof at 12:29:13 | Permalink | Comments (1) »

Sunday, September 6, 2009

Vleermuizen

Vleermuis 2

Vleermuis 1

Deze vleermuizen ontdekte ik achter een houten raamluik (en dat is een krappe ruimte!) van een boerderij in een bosrijke omgeving in Twente. Ik heb ze snel gefotografeerd, zodat ze niet wegvlogen en snel het luik weer dichtgedaan. Ik weet nog niet precies welke soort(en) het zijn. Vermoedelijk is het een Gewone dwergvleermuis. Hij lijkt het meeste op de foto bij vleermuis.net, en is in Nederland de meest algemene soort.  Ze zaten overdag te slapen achter de luiken.

Postscript: het zijn twee verschillende individuen van verschillende grootte, die achter verschillende luiken zaten. Mogelijk zijn het verschillende soorten.

Posted by Gert Korthof at 15:08:07 | Permalink | Comments (4)

Monday, August 31, 2009

Het lied van de dodo: groots en meeslepend

gastbijdrage Andantinaa

Het lied van de dodo

De zomerpauze die ik mezelf had gegund, zit er bijna op en hierin heb ik tenminste één doelstelling verwezenlijkt: ik heb Het lied van de dodo van David Quammen eindelijk gelezen.
Ik had de tweede druk, verschenen in 2002, met 736 bladzijden een dikke pil. Het verhaal zelf telt 638 bladzijden en wordt gevolgd door een voor leken als ik broodnodige woordenlijst die ik dankbaar heb gebruikt, een nawoord van de schrijver, dankbetuiging, gebruikte bronnen, bibliografie en een register.

David Quammen is de schrijver van acht boeken die behoren tot de non-fictie. Naar willekeur noem ik van deze acht Monster of God en The reluctant Mr Darwin. Hij heeft ook een aantal artikelen geschreven en vijf boeken die tot de fictie worden gerekend. Voor zijn werk ontving hij diverse onderscheidingen, waaronder een eredoctoraat van Montana State University. Wie zelf een completer overzicht wil nalezen, verwijs ik naar Wikipedia . Op het omslag van het boek is geen informatie over de auteur te vinden.

Het boek  bestaat uit tien delen met elk een eigen titel. Die delen zijn weer onderverdeeld in niet al te lange hoofdstukken. Dat maakt het prettig leesbaar en ook geschikt om mee te nemen (wel in een flinke tas) als je onderweg bent. Ik streef in deze bespreking niet naar volledigheid. Ik geef alleen een ruwe incomplete schets en pik er hier en daar een paar zaken uit die mij raakten.

Het lied van de dodo gaat vooral over eilandbiogeografie. Het begint met het gedeelte (tevens hoofdstuk 1) Zesendertig Perzische kleedjes, waarin al een tipje van de sluier wordt opgelicht van wat er met een groot ecosysteem gebeurt wanneer het versnipperd raakt: het valt als het ware in eilanden uiteen: geïsoleerde plaatsen die door hun te kleine oppervlakte niet voldoende bestaansvoorwaarden te bieden hebben.

Het daaropvolgende deel, De man die eilanden kende, gaat over Alfred Russell Wallace: zijn leven, zijn werk en zijn relatie met en tot Charles Darwin. Met behulp van dit deel kun je Wallace en Darwin goed vergelijken. Hun sterke kanten lagen op verschillende gebieden. Eigenlijk vulden ze elkaar dus heel goed aan en is het misschien jammer dat ze niet nauw hebben samengewerkt. De welgestelde Darwin kon het zich veroorloven zich helemaal op de wetenschap te storten. Wallace was van geringere komaf en niet rijk. Hij moest zelf zorgen dat er geld in het laadje kwam en ik vermoed dat zijn geringere komaf het hem ook moeilijker maakte met invloedrijke mensen in contact te komen en door hen serieus genomen te worden.
Op zijn verre reizen wordt de onervaren jonge Wallace herhaalde malen geconfronteerd met tegenspoed. Bepakt en beladen met wetenschappelijke vondsten, dood en levend, begeeft hij zich in de zomer van 1852 weer naar Engeland. Op reis naar de kust verliest hij al een aantal dieren, waaronder zijn tamme toekan, die verdrinkt wanneer hij op een rivier over boord slaat, maar het wordt nog erger. Het schip waarmee hij de Atlantische oceaan hoopt over te steken, wordt door brand getroffen. Hierdoor raakt hij nog meer vogels, apen en bijna al zijn aantekeningen kwijt. Hij had namelijk nog niet geleerd dat het beter is deze regelmatig met de post naar huis te sturen. Later moet hij dus weer veel uit zijn geheugen opdiepen. De expeditie had zijn gezondheid geen goed gedaan, maar gedreven als hij is, gaat Wallace alweer snel op weg, ditmaal naar de Indonesische archipel.
Wie zelf veldonderzoek wil verrichten op het gebied van de eilandbiogeografie en ecologie moet over een sterk gestel beschikken, geen hoogte- en andere vrees hebben en niet hechten aan een vaste werkplek achter het eigen bureau, want je krijgt te maken met extreme weersomstandigheden, eenzaamheid, ander voedsel en de afwezigheid van comfort. Je moet enorm gedreven zijn, net als Wallace.

Eilandbiogeografie, wat leren we daarover? Dat je oude eilanden hebt en jonge, grote (continenten) en kleine (vulkaantoppen). Leeftijd en omvang komen tot uitdrukking in het ecosysteem. En hoe raakt een nieuw eiland bevolkt cq begroeid?
Een belangrijke factor bij die ecosystemen is de rol die de mens speelt. Duidelijk uit het boek wordt dat de mens het uitsterven van soorten dusdanig bespoedigt dat, om het maar even heel kort door de bocht te zeggen, de evolutie dat niet kan compenseren met de aanmaak van nieuwe soorten. De mens claimt een steeds grotere leefruimte en is bepaald niet bescheiden wat betreft zijn behoeften. Als je dat voor vroeger tijden al zou willen goed praten door gebrek aan kennis, gaat dit voor de huidige tijd zeker niet meer op, maar een gedragsverandering zet helaas niet echt snel door.
Is er nog wel iets te redden? Moeten we wel iets willen redden? Wat gebeurt er als we niets redden? Wat moeten we redden? Soorten? Leefgebieden? Deze vragen komen ook aan de orde, met hun ethische aspecten.
Het laatste deel, Boodschap uit Aru, maakt duidelijk dat de extincties veel sneller verlopen dan de aanwas van nieuwe soorten. De dodo is bijna symbool geworden voor soorten die niet hadden hoeven uitsterven. Maar de dodo was niet de enige. Een andere is bijvoorbeeld de trekduif (daar had ik voor het lezen van dit boek nog nooit van gehoord), waarvan de populatie van miljarden in Noord-Amerika in de negentiende eeuw door de mens is uitgeroeid.
We krijgen ook raad hoe we onze “mondiale voetafdruk” (deze uitdrukking gebruikt David Quammen niet) kunnen beperken, want dat is, aldus Quammen, hard nodig. Maar hij roept ons op niet de hoop te verliezen en vooral te blijven doorgaan met te redden wat er te redden valt.

Toen ik Het lied van de dodo uit had, bleef het echt nog een aantal dagen door mijn hoofd malen. Het heeft me zelfs een aantal uren uit de slaap gehouden, maar dat had ik er graag voor over - ik had wat dat laatste betreft geen keus, want ik wist dat van tevoren niet.
Het boek verschaft enorm veel informatie in goed gestructureerde vorm. Het leest als een trein en is ook voor leken op het gebied van de biologie goed te volgen, als je de woordenlijst maar gebruikt. Vanuit mijn invalshoek van de cultuurwetenschappen is mij het meest bijgebleven welke invloed de cultuur op de natuur kan hebben door onwetendheid, hebzucht, onnadenkendheid, de idee dat natuur iets is wat je naar je hand kunt zetten. Omdat dit al zo lang goed lijkt te gaan, begint de mens behoorlijk aan ecologische naïviteit - een term waarvan ik de betekenis ook in Het lied van de dodo geleerd heb - te lijden. Ook over het duo Wallace-Darwin heb ik veel geleerd, met name over Wallace die vaak in de schaduw van Darwin blijft. Ik vond het boek net zo spannend als een goed geschreven roman en raadt het iedereen aan die meer wil weten over ecologie, de invloed van de mens op de natuur, evolutie, Wallace, Darwin, de controverse Simberloff-Diamond en nog veel meer.

David Quammen, Het lied van de Dodo (2e dr.; Amsterdam 2002). Vertaling van: The Song of the dodo. Island Biogeography in an Age of Extinctions.

tags: gastbijdrage

Posted by Gert Korthof at 08:24:19 | Permalink | Comments (4)

Wednesday, August 19, 2009

Blog - website - wikipedia

Gedurende de blogvrije periode van de afgelopen weken heb ik, behalve intensief boeken lezen en (met mate) mijn website bijhouden, ook eens geprobeerd wat bij te dragen aan wikipedia. Ik had het afgelopen jaar veel profijt van het raadplegen van wiki. Het gaf vrijwel altijd de informatie die ik zocht en vaak méér dan dat. Daar moet veel tijd ingestoken zijn door vele mensen, lijkt me zo. Honderden, duizenden mensen als je behalve de Engelse en Nederlandse versie ook alle andere talen meetelt. Soms kwam ik een pagina tegen waarvan ik dacht: dat moet beter kunnen! Dat schreef ik eens in een kommentaar op dit blog. Iemand maakte mij er op attent dat het juist de bedoeling is dat je in dat geval aanvullingen en correcties doet. Dat klopt, maar je moet er wel de tijd voor hebben. In de blogvrije periode heb ik dat eens geprobeerd. Het bevalt me wel, tot nu toe tenminste. Aangezien het een encyclopedie is die door iedereen ge-edit kan worden, is de drempel om een bijdrage te leveren erg laag. Je kunt zelfs editen zonder een account aangemaakt te hebben. In dat geval wordt je ip-adres automatische gelogd. Het voordeel van de wikipedia is dat het een permanente online encyclopedie is die een grote visibility heeft, een duidelijke structuur heeft en langzamerhand een gezaghebbende informatiebron voor zeer velen. En het is accumulatief. Het groeit, het evolueert. Een blog is daarentegen vluchtiger, blogs raken verouderd, en uit het zicht. En dat is jammer als je enige research verricht hebt om een blog te schrijven.  Een blog heeft een chronologische structuur. En het helpt maar een beetje dat je blogs in categorieën kunt indelen en dat er een archief is. De hoofdstructuur blijft chronologisch. Een blog is ook persoonlijk, evenals een website. Bijdrages aan wiki mogen juist geen persoonlijke meningen bevatten, en de bijdragen zijn meestal onder pseudoniem of anoniem. In principe is het een groot voordeel dat wiki een soort peer-review kent, al is het een vrij anarchistisch soort peer-review. Het voordeel is dat fouten gecorrigeerd worden. Het nadeel is dat die correcties ook fout kunnen zijn. Daar moet ik nog ervaring mee op doen. Aangezien dit alles tijd kost zal ik minder grote ‘zware’ blogs die research kosten gaan schrijven. Maar ik blijf bloggen. Ze zullen alleen korter zijn. En persoonlijker, en met een eigen mening in contrast met wiki. En mijn website blijf ik onderhouden, omdat ik die structuur prettig vindt en omdat ik daar volledig eigen baas ben.

Posted by Gert Korthof at 10:09:36 | Permalink | No Comments »

Sunday, July 12, 2009

Zomerstop

mereljong op tweede dag na uitvliegen

Evolutie.blog gaat met zomerstop voor een maand. De merelouders niet. Die hebben drie jongen groot te brengen. De ’samenwerking’ tussen man en vrouw is de moeite waard om te bestuderen. Beide zetten zich in voor hun jongen, maar tussen vader en moeder valt er niet veel genegenheid te bespeuren. Vader voert de jongen fanatiek, dat is mooi om te zien, maar kaapt de lekkere hapjes vlak voor de neus van zijn vrouwtje weg. Voorbeeld: mannetje zit aan een appelklokhuis te eten, vrouwtje komt er bij zitten, mannetje pakt klokhuis en rent er snel mee weg, vrouwtje kijkt toe en doet niets! Geen hoffelijkheid of romantiek te bespeuren. Het is niet dat hij het allemaal zelf op eet. Hij brengt het meeste naar ‘zijn’ jongen.

Ook weet ik niet of hij tijdens de broedperiode zijn vrouwtje voert of dat ze daar zelf voor moet zorgen. Het zou wel handig zijn als ze gevoerd wordt want dan hoeft ze niet van de eieren af.  Als er alarm geslagen moet worden voor een kauw, ekster of kat, dan doen zowel vader als moeder dat tegelijk. Maar moet je dat samenwerking noemen? Kennelijk telt alleen het eindresultaat. Als er maar jongen grootgebracht worden. Ik wens vader, moeder, jongen en U blogbezoekers een mooie zomer toe.


Posted by Gert Korthof at 10:29:34 | Permalink | Comments Off