Het verhaal van Darwin en de Archaeopteryx (die rare vogel die het midden houdt tussen een dinosaurier en een vogel; zie foto) is leuker en interessanter dan ik in eerste instantie dacht. Ik heb nl. een tweede passage over de Archaeopteryx gevonden waardoor ik mijn mening over Darwin moet herzien. De tweede passage is niet terug te vinden via de index van de papieren editie’s van de Origin, omdat ‘Archeopteryx’ maar één keer in de index voorkomt en verwijst naar de eerste passage. Daarom is de tweede passage vermoedelijk altijd over het hoofd gezien. Géén bibliotheek zal alle 7 drukken naast elkaar op de plank hebben staan. Behalve de online editie’s, is de enige andere praktisch haalbare methode om de tweede passage te vinden het raadplegen van een zogenaamde variorum uitgave van de Origin waarin alle wijzigingen van de 6 drukken naast elkaar gezet zijn (1). Maar ook in dat geval is het zeer tijdrovend om die passage te vinden. Vooral als de index van het boek niet compleet is. En dat lijkt inderdaad het geval te zijn. Volgens google books staat ook daar ‘Archeopteryx’ maar 1x in de index. Ze hebben dus de originele index van de Origin (welke druk?) aangehouden, zo lijkt het. De online editie’s van de Origin hebben uiteraard ook die incomplete index (het zijn tenslotte scans van de papieren editie’s), maar daar kun je een full-text search doen.
Eerste passage
De eerste vermelding van de Archaeopteryx verscheen in de 4e druk van de Origin in hoofdstuk IX ‘On the Imperfection of the Geological Record’.
“Until quite recently these authors might have maintained, and some have maintained, that the whole class of birds came suddenly into existence during the eocene period; but now we know, on the authority of Professor Owen, that a bird certainly lived during the deposition of the upper greensand; and still more recently, that strange bird, the Archeopteryx, with a long lizard-like tail, bearing a pair of feathers on each joint, and with its wings furnished with two free claws, has been discovered in the oolitic slates of Solenhofen. Hardly any recent discovery shows more forcibly than this how little we as yet know of the former inhabitants of the world”.
Daarin zegt Darwin dat het een ’strange bird’ (rare vogel) is en dat deze vondst aantoont dat we nog zo weinig weten van het fossiele bestand. Echter, de opmerking staat wel in de context van het probleem dat er in de geschiedenis van het leven plotseling nieuwe diergroepen zouden ontstaan (2). Die kritiek wil Darwin weerleggen met behulp van die rare vogel Archaeopteryx. Die toont immers aan dat vogels niet uit de lucht zijn komen vallen. Er zijn uitgestorven ‘primitieve’ vogels gevonden. Darwin gebruikt het fossiel dus wel degelijk om zijn theorie te ondersteunen. Maar tegelijkertijd benadrukt Darwin dat het Archaeopteryx fossiel ook bewijst hoe weinig we nog weten van het fossielen bestand. Dat is logisch, want de context was immers het hoofdstuk ‘On the Imperfection of the Geological Record’. Dat we nog zo weinig weten gebruikt Darwin dus eigenlijk in zijn voordeel.
Tweede passage
In de 5e druk (1869), in het hoofdstuk (X) ‘On The Geological Succession of Organic Beings’, voegt Darwin een tweede zin toe (terwijl de eerste Archaeopteryx passage uit de 4e druk gehandhaafd blijft):
“Even the wide interval between birds and reptiles has been shown by Professor Huxley to be partially bridged over in the most unexpected manner, by, on the one hand, the ostrich and extinct Archeopteryx, and on the other hand, the Compsognathus, one of the Dinosaurians -that group which includes the most gigantic of all terrestrial reptiles”.
Deze zin is waarschijnlijk gebaseerd op de publicatie of lezing van Thomas Henry Huxley in 1868 (3) toen hij de beroemde claim verkondigde dat de kleine dinosaurier Compsognathus een voorouder van vogels zou kunnen zijn. Darwin vertrouwt op de deskundigheid van Huxley en neemt de claim met instemming over. Deze passage zie ik nergens in de handboeken geciteerd. Ook niet in een van de beste beschrijvingen van de ontdekking van de Archaeopteryx: Pat Shipman (1998) Taking Wing: Archaeopteryx and the evolution of bird flight (2). Ook niet in wikipedia.
Toch komt de strekking van de passage het dichtst in de buurt van claims van auteurs als Reznick die beweren dat Darwin Archaeopteryx als missing link zag. Het is niet vast te stellen of het slechts een veronderstelling is, of dat ze zich zonder bronvermelding op de Origin baseren. Mijn eerdere claim dat Archaepteryx ‘ongelegen’ kwam voor Darwin vervalt, omdat Darwin het fossiel wel degelijk gebruikte ter ondersteuning van zijn theorie van gemeenschappelijke afstamming. Wel is het zo dat Darwin Archaeopteryx niet triomfantelijk opvoert, zoals Richard Dawkins en anderen het doen.
The descent of man
De Archaeopteryx komt ook voor in The Descent of Man and selection in relation to sex:
| 1871 |
1e druk Descent: Archeopteryx aanwezig |
F937 |
| 1874 |
2e druk Descent: Archeopteryx aanwezig |
F944 |
| 1882 |
2e druk Descent: Archeopteryx aanwezig |
F955 |
“and Prof. Huxley has discovered, and is confirmed by Mr. Cope and others, that the Dinosaurians are in many important characters intermediate between certain reptiles and certain birds—the birds referred to being the ostrich-tribe (itself a widely-diffused remnant of a larger group) and the Archeopteryx, that strange Secondary bird, with a long lizard-like tail.”
Deze passage komt vrijwel identiek in alle drie editie’s voor. Darwin refereert niet naar het tweede fossiel van Archaeopteryx (Berlijn exemplaar) dat in 1877 was gevonden. De context is de vraagstelling of de 5 hoofdgroepen van de vertebraten, de zoogdieren, vogels, reptielen, amfibieën, en vissen van een gemeenschappelijke voorouder afstammen. De conclusie is dat er intermediaire vormen tussen zekere reptielen en zekere vogels zijn. Dus ook hier wordt de Archaeopteryx als bevestiging van Darwin’s theorie van gemeenschappelijke afstamming gebruikt.
Wat blijft staan
Ongeacht wat auteurs schrijven of juist niet schrijven over Archaeopteryx in de Origin, het blijft staan dat:
(1) Darwin voorzichtig was met zijn claims: enerzijds weten we nog zo weinig, maar anderzijds hebben we toch een paar overgangsvormen. Tijdens het traject van de Origin kende hij maar één Archaeopteryx fossiel. Alle andere kwamen pas ná de laatste druk van de Origin. Het mooiste exemplaar (Berlijn exemplaar) heeft hij waarschijnlijk zelf nooit gezien. Het komt ook niet in Descent voor. Wij verkeren in een principieel andere situatie dan Darwin omdat wij tien exemplaren hebben.
(2) Evolutiehandboeken maken het moeilijk om een correct beeld te krijgen van de hoeveelheid bewijsmateriaal dat Darwin in 1859 had om zijn theorie te onderbouwen. Dit is niet weg te redeneren door het feit dat leerboeken een niet-historisch perspectief hebben. Dat betekent: systematisch alle bewijsmateriaal presenteren in een niet-chronologische volgorde. Vaak betekent dat hoofdzakelijk modern bewijsmateriaal.
(3) Dat Darwin soorten als de Darwinvinken (Geospiza) in zijn dagboeken of reisverslagen vermeldt is niet relevant, want die zijn slechts beschrijvend van aard. Daar worden ze niet als bewijs voor evolutie opgevoerd. Het is significant dat Darwinvinken niet in de Origin voorkomen. En 1859 was nu eenmaal hét moment dat Darwin zijn theorie aan de wereld bekend maakte. Dát moest het meeste overtuigende pleidooi voor evolutie zijn. Dus kom je met het beste bewijsmateriaal dat je hebt.
Druk, druk, druk!
Als je alleen de eerste druk leest, zoals sommigen (4) aanbevelen (omdat de latere drukken slechter geworden zouden zijn door de vele correcties die Darwin had doorgevoerd onder invloed van de critici), dan ontdek je nooit dat Darwin stapsgewijs nieuwe ontdekkingen (Archaeopteryx) heeft toegevoegd. Dat zijn uiteraard verbeteringen. Maar, als je alleen de 6e druk leest, dan ontdek je wel de Archaeopteryx, maar mis je het feit dat Darwin bij het wereldkundig maken van zijn theorie in 1859 geen fossiele overgangsvormen had.
Waagstuk is geen gok
Darwin’s Origin of Species was een waagstuk, maar géén gok. Iemand die gokt heeft geen informatie. Iemand die waagt heeft wel informatie, maar niet voldoende. Wie niet waagt, wie niet wint.
Deze hele Archaeopteryx zaak brengt duidelijk de vraag naar voren hoe overtuigend de Origin in 1859 was. Dit is een omvangrijk probleem. Daar moet je de hele Origin voor lezen. Een andere fascinerende vraag is: had het na 1859 nog fout kunnen gaan met het Darwinisme?
(zondag 29 nov en 6 dec: kleine tekstuele verbeteringen)
Noten
- Morse Peckham (editor) (1959, 2006) The Origin of Species. Variorum text. University of Pennsylvania Press, 820 pages. (amazon).
- Met dank aan Gerdien de Jong.
- het jaartal is afkomstig van: Adrian Desmond, entry: ‘Huxley, Thomas Henry (1825-1895)’ in: Michael Ruse, Joseph Travis (2009) Evolution. The First Four Billion Years, p.650
- Professor Wim Scharloo gaf in de 70-er jaren de aanbeveling aan biologiestudenten om de 1e druk van de Origin te lezen.
tags: boeken, geschiedenis, paleontologie